Home » Nieuws » Nationaal » Rosius, Berings en Quintelier geven Vlaams kampioenschap AC kleur
Foto: Peter Wagemans

Rosius, Berings en Quintelier geven Vlaams kampioenschap AC kleur

Vandaag vond in de Gentse Topsporthal het Vlaams kampioenschap AC plaats. Ondanks dat het voor velen nog maar het eerste optreden van het indoorseizoen was, stelde het kampioenschap allerminst teleur. Met een WK-limiet, een nationaal record en twee atleten die zich vanaf nu de derde performer aller tijden mogen noemen, werd het een meer dan geslaagde dag.

Rani Rosius strandt op zucht van WK-limiet

Het ongezien hoge niveau in reeksen van de 60 meter bij de vrouwen deden het beste vermoeden voor de finale. Rani Rosius stuntte in de reeksen al met een tijd van 7″36 waarmee ze zich meteen bombardeerde tot topfavoriete. Manon Depuydt en Elise Mehuys moesten met 7″40 en 7″43 inboeten op hun jongere concurrente. In de finale begon iedereen weer vanaf nul, maar toch was het Rosius die al van bij de eerste meters een tik uitdeelde door de leiding te nemen. Depuydt en Mehuys konden aanpikken bij de raketstart, maar overnemen lukte geen van beiden. De klok stopte na een geweldig sterke 7″31 voor Rosius, slechts twee atleten (Kim Gevaert en Katleen De Caluwé) deden ooit beter in ons land. Ondanks de demonstratie van de Limburgse zal die chrono misschien wel herinnerd worden als het net niet behalen van de WK-limiet (7″30).

Toch kan Rosius het WK al ruiken, aangezien er twee jaar geleden in Birmingham maar liefst 48 atletes aan de start verschenen en de ranglijsten voorlopig gedomineerd worden door atletes uit de Verenigde Staten.. Voor de overige podiumplaatsen haalde Depuydt het uiteindelijk van Mehuys in een snelle 7″37. Ook zij stelde hiermee haar record scherper. Mehuys pakte het brons met 7″42.

Foto: Yngwie Vanhoucke

Berings meteen op de afspraak, Vidts op recordjacht

Rosius zorgde voor dé verrassing van de dag, maar het was Eline Berings die in Gent de hoofdvogel afschoot. De Vlaamse titel behaalde ze met de vingers in de neus, maar belangrijker voor haar was wellicht haar (dubbele) duik onder de limiet voor het WK in zaal. Meer over haar wedstrijd kan u hier terugvinden. Ook Noor Vidts liep zich stevig in de kijker door haar PR zowel in de reeksen als de finale, die ze tevens tijdens haar verspringcompetitie betwistte, aan te scherpen tot 8″32. Het leverde haar een zilveren plak op. Sarah Missinne mocht met 8″37 als derde het podium op.

Pechvogel van de dag was zonder twijfel Nenah De Coninck. Na een puike 8″47 in de reeksen moest de atlete van KAAG door een blessure aan de hamstring passen voor de finale. “Ik ging waarschijnlijk geen podium gelopen hebben, maar ik ben er zeker van dat een PR mogelijk was. Het is ook altijd iets. Woensdag ga ik een echo laten nemen, maar ik vermoed dat het een scheurtje zal zijn. Ik was zo goed bezig, dus dit is echt een serieuze tegenslag”, vertelde De Coninck achteraf.

Mannen zorgen voor spanning in de sprintnummers, Vervaet maakt favorietenrol waar

Kobe Vleminckx bevond zich in hetzelfde schuitje als de hordeloopster. De spurtbom van LYRA snelde met sprekend gemak naar 6″82 in de reeksen van de 60 meter, maar gaf eveneens verstek voor de finale door last aan de adductor. De schade leek achteraf echter mee te vallen. Victor Hofmans profiteerde van afwezigheid en pakte de Vlaamse titel in 6″97. Spanning troef op de baanronde waar Hofmans en Christian Iguacel elkaar geen duimbreedte toegaven. Het was uiteindelijk die eerste die zijn tweede Vlaamse titel van de dag opeiste met 21″38 tegenover 21″47. Bij de vrouwen deed Imke Vervaet wat van haar verwacht werd. Vervaet nam direct de leiding en gaf deze nooit meer af. Met 23″80 bleef ze slechts zes honderdsten verwijderd van haar besttijd.

Foto: Yngwie Vanhoucke

De 400 meter leverde in eerste instantie een knap duel op tussen Alexander Doom en Michaël Rossaert. Op 100 meter kon Doom echter de bocht insnijden, waardoor Rossaert in de tang zat. Doom trok vervolgens stevig door richting de finish en klokte uiteindelijk 47″85. Dylan Owusu kon dankzij een sterke laatste rechte lijn het zilver opstrijken in 48″74. Jonas De Smet pakte het brons met 48″99.

Aurèle Vandeputte werd de verdiende kampioen op de 800 meter nadat hij van start tot finish aan de leiding liep. Vandeputte voelde tot op 750 meter van het einde de hete adem van Aaron Botterman in zijn nek, maar wist hem nog net af te houden. Vandeputte klokte af na 1’50″46. Botterman moest genoegen nemen met 1’50″99. Bij de vrouwen haalde Lore Quatacker het in 2’13″84. De 1500 meter werd een kolfje naar de hand van Tim Van De Velde. De atleet uit Duffel snelde onbedreigd naar de winst in 3’51″76.

Kampnummers

Merel Maes springt naar derde nationale record

Merel Maes scherpte voor de derde keer dit seizoen het nationale record in het hoogspringen scherper bij de cadetten. Haar amper één week oude record van 1m80 verdwijnt op deze manier opnieuw uit de recordboeken en wordt vervangen door 1m81. Het was echter Serena Capponcelli die met 1m86 zich tot Vlaams kampioen kroonde. Hanne Maudens viel met 1m68 net naast het podium nadat ze ook op de 60 meter horden (8″77) naast de medailles greep. Bij de mannen won Bram Ghuys het hoogspringduel tegen Lars Van Looy met 2m15 tegenover 2m10. In het polsstokspringen had Aurélie De Ryck aan één poging voldoende om de Vlaamse titel op zak te steken. Ze sprong met ruime marge over 4m00 en deed vervolgens enkele verdienstelijke pogingen op 4m20. De lat ging helaas driemaal tegen de grond (en het hoofd). In de verspringbak maakte Vidts haar favorietenrol helemaal waar door 6m30 op te laten meten. Ook hier zette de meerkamspter een nieuw persoonlijk record neer.

Matthias Quintelier bijna op gelijke hoogte met Milanov

Matthias Quintelier zorgde wellicht voor de sterkste prestatie van de dag bij de mannen. Dat mag gerust letterlijk genomen worden want in het kogelstoten pakte de atleet uit met 18m22, ruim een halve meter beter dan zijn persoonlijk record. Quintelier mag zichzelf zo ook de derde performer aller tijden noemen en schiet slechts vijf centimeter tekort om Philip Milanov, de nummer twee, te evenaren. “Ik wist dat ik dit kon, maar de examens liggen nog maar net achter mij dus ik had het vandaag niet bepaald verwacht. Ik ben overgeschakeld van een glijtechniek naar het draaien en dat begint eindelijk zijn vruchten af te werpen. Aan mijn plafond zit ik echter zeker niet. Er zit veel meer in en dan denk ik vooral aan een worp van 18m50, of zelfs iets meer. Dat zijn uiteraard uitschieters, maar aangezien mijn techniek nog niet optimaal is zit er nog rek op”, reageerde Quintelier.

De volledige uitslag kan u hier terugvinden.