Maandag breekt het hoogtepunt van de Europese atletiekzomer aan. Het eerste EK atletiek ooit op Britse bodem vindt plaats in Birmingham en mag door de versoepelde selectieregels een gigantische lading Belgen verwachten. Titelverdedigers Nafi Thiam en Alexander Doom zijn er net als Michael Obasuyi niet bij, maar ook zonder hen liggen er nog medaillekansen. In deze voorbeschouwing gaan we dieper in op de mannen die in actie komen op individuele nummers.
N.b.: De top 12 van de startlijst is op de sprintnummers (alles tot 400m horden) vrijgesteld van deelname aan de reeksen. Ook enkele Belgen genieten dat voordeel.
Geen betere plek om dit overzicht te openen dan bij Simon Verherstraeten. Zijn opname in de oorspronkelijke EK-selectie was de aanleiding voor het tumult dat eindigde in de toevoeging van 13 atleten. Na een kuitscheur in het tussenseizoen liep hij in juni met te veel wind een sensationele 9”97, maar omdat hij daarna zijn hamstring blesseerde was er geen tijd meer voor een windgeldige nieuwe kans. Vorige week hernam Verherstraeten op de IFAM en de sterke vorm is duidelijk niet verdwijnen. Met 10”12 liep hij er zijn derde chrono ooit, waarna hij uitsprak dat hij in Birmingham op de medailles mikt.

Op die 100m krijgt hij het gezelschap van collega-Falcons Antoine Snyders en Emiel Botterman, dit seizoen goed voor respectievelijk 10”20 en 10”25. Zij maken hun individueel kampioenschapsdebuut, maar moeten met die PR’s richting halve finale durven kijken. Voor Snyders ligt de persoonlijke prioriteit wel bij de 200m, daar liep hij een straffe 20”24 die van hem de vierde man op de Europese jaarlijst maakt. Hij droomt van de finale en mag alvast de reeksen overslaan.
Op de tienkamp missen we Jente Hauttekeete, die zijn seizoen in rook zag opgaan door een stressfractuur in het scheenbeen, maar is er desalniettemin Belgische vertegenwoordiging. De 21-jarige Dai Keïta debuteert op een seniorenkampioenschap en kan zich onbezorgd met zijn eigen prestatie bezighouden. Op elke discipline een degelijke score neerzetten wordt wel cruciaal, want dit EK is een unieke kans om veel placing score te verzamelen en zo een sterkere ranking op te bouwen. Die is voor meerkampers noodzakelijk om op constante basis aan kampioenschappen te kunnen deelnemen.

Op de 400m droomden de Tornados van een finale met vier Belgen. Dat was mogelijk omdat titelverdediger Alexander Doom een extra plek voor ons land had verdiend. Hij besloot wegens hamstringzorgen echter zijn seizoen stop te zetten om het vervolg van zijn carrière niet te hypothekeren. Daniel Segers, dit seizoen twee keer goed voor 44”82 en één keer voor 44”81, mikt resoluut op de finale en gelooft dat hij een medaille kan winnen. Er nemen wel twaalf andere Europeanen deel die dit seizoen ook onder 45” doken, dus hem achteraf op zijn eigen ambitie afrekenen zou erg streng zijn. “De densiteit in dit Europese veld is groot, maar ik geloof dat ik sneller kan en wil hoog mikken.”
Jonathan Sacoor liep twee keer 45”03 en lijkt net als Segers al weken klaar om een PR te lopen. Het zijne staat op 44”98, de chrono waarmee hij twee jaar geleden vierde werd in de EK-finale van Rome. Dylan Borlée is de derde Belg op de baanronde en meteen ook de derde leerling uit de klas van trainers Kevin en Jonathan Borlée. Zijn seizoensbeste bedraagt 45”49, wat van de halve finale halen een realistische doelstelling maakt. In tegenstelling tot Segers moeten Sacoor en Borlée wel aan de bak in de reeksen.
Op het persmoment zaterdag gaf Sacoor een inkijk in hoe hun trainingsgroep functioneert: “Dylan is de man met alle kennis en ervaring, Daniel brengt het verse bloed en het entertainment en zelf zit ik daartussenin. Wat we allemaal hebben is het keiharde werken.” Geconfronteerd met de vraag of hijzelf en Julien Watrin nu de veteranen van de groep zijn reageerde Borlée met mooie woorden voor zijn jongere teamgenoten: “Zelf hoor ik het woord ‘veteraan’ niet graag. Om mee te kunnen in deze groep moet je elke dag met de passie van een twintigjarige op training komen. Na een lange carrière ben ik in alle eerlijkheid nog steeds jaar per jaar aan het bekijken of ik doorga tot Los Angeles, maar 2026 was alleszins een jaar waarin deze groep een bijzonder positieve factor was in mijn beslissing om mijn carrière te blijven voortzetten.”

Yanni Sampson sprong dit jaar voorbij 8 meter in het verspringen en maakte zo een kinderdroom waar. Zijn 8m02 repliceren zou waarschijnlijk nog onvoldoende zijn voor de EK-finale, maar de belofte krijgt in ieder geval een mooie kans om zijn kampioenschapsdebuut te maken. Timothy Herman vinkte de voorbije jaren heel wat grote kampioenschappen af. Hij was erbij op EK’s, een WK en de Olympische Spelen. Dit seizoen vloog zijn speer nog niet voorbij 80m en leek hij dit EK thuis uit te moeten zitten, tot de verrassende oproep er alsnog kwam.
Isaac Kimeli bracht atletiekminnend België een klein jaar terug in vervoering door op het WK in Tokio vicewereldkampioen te worden op de 5.000m. Dit jaar kon hij diezelfde wereldklasse nog niet echt etaleren, maar Kimeli heeft ondertussen wel een stevig Europees palmares bijeengelopen en wordt dus altijd met argusogen gevolg door zijn concurrenten. Zelf geeft hij aan dat de vorm aanwezig is om voor de medailles mee te strijden en dat hij in zijn kansen gelooft. Eerst komt hij in actie op de 5.000m, drie dagen later is er als eventuele bonus nog de 10.000m. Daar komt hij dan potentieel Simon Debognies tegen, die in München voor het laatst een EK-10.000m liep. Toen werd hij twaalfde.

Op de horden is het onfortuinlijke uitvallen van Michael Obasuyi een aderlating. De snelste 100m hordenman uit onze nationale geschiedenis had met een mooie marge de beste Europese jaarprestatie achter zijn naam staan, maar scheurde zijn hamstring.
Elie Bacari heeft dus grote schoenen te vullen, maar er hoeft na zijn recente PR van 13”25 niet aan getwijfeld te worden dat hij dat ook absoluut kan gaan doen. Hij is als nummer vier op de startlijst een medaillekandidaat die geen reeksen hoeft te lopen. In Rome speelde Bacari het op 20-jarige leeftijd al knap klaar om tot in de finale te geraken, maar dat eindigde met een diskwalificatie. Dat eitje heeft hij dus nog te pellen. Naar de vorm van Zeno Van Neygen is het gissen. De zilveren medaillewinnaar van het EK beloften in 2025 kon dit jaar nog niet in actie komen.
Tim Van De Velde en Rémi Schyns zijn met z’n tweeën om de Belgische eer hoog te houden op de 3.000m steeple. Schyns liep dit jaar knap 8’17”46. Van De Velde kwam nog niet veel in actie en mist een scherpe chrono. Vorig jaar nog maar presteerde hij zijn toptijd van 8’14”40. Komen beide heren in de buurt bij hun recordniveau, dan moet een finale zeker tot de mogelijkheden behoren.

Wordt dit dan eindelijk het kampioenschap waar Eliott Crestan die eerste outdoormedaille wint? De verzamelaar van indoorplakken blijft naarstig op zoek naar een eerste triomf in openlucht. Na alweer een ontketend winterseizoen met razendsnelle chrono’s en zilveren WK-medaille werkte Crestan tot dusver een solide zomer af als we hem aan zijn eigen hoge standaarden houden. Zijn indoor-SB van 1’43”83 staat er wel nog steeds, maar daarbij moet ook de kanttekening gemaakt worden dat hij de laatste weken veel kortere afstanden liep om zijn snelheid bij te slijpen.
Crestan duidde zijn opbouw als volgt: “De voorbije jaren heb ik vaak sterke prestaties neergezet in het reguliere seizoen, maar piekte ik in feite te vroeg omdat ik te snel aan het specifieke werk begon. Nu heb ik lang aan mijn uithoudingsdeel gewerkt en de afgelopen weken op mijn snelheid gefocust. Zo sta ik nu met mijn beste vorm op het kampioenschap. Dat zal ook al wel een verschil maken om echt te tonen wat ik waard ben. De finale is mijn eerste doel.”
Ruben Verheyden, Pieter Sisk en uittredend Europees vicekampioen Jochem Vermeulen leken altijd certitudes te gaan worden voor dit EK. Toch waren er versoepelingen nodig om de drie Belgische 1500m-kleppers allemaal in Birmingham te krijgen. Van de drie arriveert Verheyden met de beste kaarten in Engeland: hij klokte driemaal 3’32” en heeft zijn goede vorm dus al kunnen tentoonspreiden. Sisk beleeft voorlopig een moeilijk seizoen, waarin de wedstrijden hem niet belonen voor het werk op training. Vermeulen geraakte net op tijd fit en lijkt in een lijn te zitten stijgende te zitten.

Ylio Philtjens ontpopte zich de voorbije maanden tot één van de grote doorbraken van het jaar. De eerstejaarsbelofte verpulverde in 2026 zijn polsstok-PR en bracht dat van 5m32 naar 5m70. Zo plaatste hij zich ook al op 20-jarige leeftijd voor een eerste seniorenkampioenschap. Daar komt hij vaste klant Ben Broeders tegen. Die zweefde dit jaar over 5m75, 10cm onder zijn Belgisch record. Broeders mikt steevast op de finale en dat is dit keer niet anders. De hyperambitieuze Philtjens zou daar hoogstwaarschijnlijk een nieuw PR voor moeten springen, maar pikte dit seizoen alvast die gewoonte op.
Julien Watrin’s aanwezigheid in het 400m hordentoernooi is nog los van de prestatie die hij zal leveren een prachtig bewijs dat hard werken loont. De Tornado keerde terug na teelbalkanker en mag met zijn SB van 49”18 aan de halve finales denken.
In het hoogspringen werden twee heren last minute uitgenodigd door Belgian Athletics. Jef Vermeiren miste de limiet op twee centimeter en was dus altijd een kandidaat, maar dat Thomas Carmoy dit EK nog zou halen had zelfs de beste waarzegger niet voorspeld. In mei liet hij zich aan zijn enkel opereren en kwam zijn seizoen ten einde na één wedstrijd met een sprong over een bescheiden 2m15. Naar verluidt zou Carmoy intussen één specifieke hoogspringtraining afgewerkt hebben en die verliep goed. Een fitte Carmoy doet op Europees niveau mee voor de medailles, maar wat we dit keer van hem mogen verwachten is koffiedik kijken.
Op de marathon zijn verwachtingen al helemaal uit den boze. “Een marathon bereid je niet voor in twee weken”, was de boodschap van Thomas De Bock en Dorian Boulvin. Dat geldt uiteraard ook voor de drie heren die de uitnodiging wel aanvaardden. Vincent Bierinckx, Yohan Zaradzki en Nathan Sevenois nemen best hun telraam mee, want het marathanparcours bestaat uit 8 rondjes van ongeveer 5km.



![EK Birmingham – Hoe liggen de kaarten voor de Belgische vrouwen? [Voorbeschouwing]](https://www.atni.be/wp-content/uploads/2026/08/DSC08133-265x198.jpg)




