Het zomerseizoen werd niet helemaal wat hij ervan gehoopt had, maar Willem Renders laat zich niet zomaar uit het lood slaan. Met alsnog een bijzonder knappe vierde plek op het WK U20 op zak en een portie hernieuwde moed stoomt hij zich in alle nuchterheid klaar voor zijn laatste veldloopwinter bij de junioren. Een gesprek over die wisselvallige zomer, over hoe hij “lopen nooit beu zal worden” en over het aankomende EK veldlopen in Belgrado. “Wanneer het geslaagd is? Als ik win.”

Het is 15 oktober wanneer we Willem Renders spreken. Vanop de Franse autoroute, ergens tussen Rijsel en Parijs, staat hij ons te woord. Z’n bestemming? Niet toevallig het Franse Font-Romeu, waar een hoogtestage op de planning staat. Belgrado wacht niet. Hoeveel dagen het nog is tot het EK veldlopen ginds in de Servische hoofdstad? “Niet zo heel lang meer”, klinkt het wat twijfelend bij de 19-jarige West-Vlaming. Wel, nog 59 om precies te zijn. “Oh, dat valt nog goed mee. Ik zou 45 gegokt hebben (lacht).”

Het toont aan hoe de nuchtere Renders met zijn sport omgaat. Losjes en tegelijk met een grote sérieux. Niet onlogisch, want als huidige Europese juniorenkampioen in het veldlopen, die in 2025 ook al dezelfde titel droeg op de 5.000m, is hij geen kleine naam in het juniorenwereldje.

Dat vraagt om een uitgebreid bilan van het afgelopen zomerseizoen, waarin de lijst met gelopen wedstrijden opvallend karig oogt. “Wisselvallig”, vat hij zijn seizoen in één woord samen. “Met veel tegenvallende momenten, maar ik stond er wel in de wedstrijd waar ik er moést staan.” De wedstrijd in kwestie? Het WK voor junioren in het Amerikaanse Oregon. Aan de andere kant van de grote plas knokte hij zich naar een knappe vierde plek. Hét (enige) hoogtepunt van een voorts mager zomerseizoen.

Willem Renders op het EK junioren in Tampere (2025) – Foto: Anastasia Karekla/European Athletics

Pollen

Gevraagd naar de reden, lacht Renders groen: “Die allergische reactie… Dat was toch wel een serieuze verrassing toen we dat ontdekten.” Een fikse opstoot van hooikoorts en langeafstandslopen op het allerhoogste niveau: het klinkt niet meteen als een geweldige combinatie. “Tijdens het lopen voelde het alsof ik constant verkouden was”, beaamt hij. “Zonder die luchtwegklachten had er dus echt wel meer in m’n zomerseizoen gezeten. Je weet ook dat mensen misschien beginnen te denken dat ik vorig jaar (toen hij beide EK’s won, red.) gewoon geluk heb gehad. En dat is misschien ook wel een beetje zo, maar geluk dwing je af. Ach ja, ik trek me eigenlijk niet veel aan van wat anderen denken, maar toch…”

Op de valreep – lees: op de voorlaatste dag van de selectieperiode – wist hij zich tijdens de Nacht van de Atletiek met een seizoensbeste van 13’41”40 alsnog naar dat verhoopte WK-ticket te knokken op de 5.000m. En dat in z’n eerste wedstrijd in twee maanden tijd. Weliswaar nog flink trager dan zijn besttijd van een jaar eerder, maar toch een flinke opsteker. Al zou die pollenallergie hem wel tot in Oregon parten blijven spelen.

Willem Renders tijdens de Nacht van de Atletiek – Foto: Jolien De Bock

“Gelukkig hebben de dokter en de begeleiders mij er nog net op tijd bovenop gekregen.” Een vierde plek tussen de wereldtop is dan uiteraard geen schande. “Als je ook ziet achter wie ik finish…”, merkt Renders op. Niet onterecht, want hij prijkt in de uitslag achter twee Kenianen en tussen twee Ethiopiërs in. “Natuurlijk denk je wel ‘Dju, een plekje hoger en ik had een medaille’, maar ik denk dat ik er het maximale heb uitgehaald. Als het door iets was geweest waar ik zelf iets aan kon doen, was ik veel meer teleurgesteld geweest. Maar hier had ik echt geen controle over, dus dan moet je het wel accepteren.”

Een ‘verloren jaar’ wil hij het dan ook niet noemen. “Dat kan ik niet zeggen met die vierde plek op het WK, maar qua tijden bleef ik wel een beetje op m’n honger zitten.” Een blik op Renders’ besttijden leert ons wat hij precies bedoelt. Zijn PR van 13’31”12 op de 5.000m: dat kwam dit jaar op geen enkel moment ook maar enigszins binnen schot. “Maar ik ben er ook niet te hard mee bezig. In een ideale zomer had ik mijn PR op de 5.000m en 10.000m wél willen verbeteren, maar aan het WK zou dat weinig veranderd hebben.”

Nieuwe titeljacht

Hoe dan ook: die “wisselvallige” zomer laat hij nu achter zich, om met hernieuwde moed  toe te werken naar dat EK veldlopen. Hét hoofddoel van zijn winter. “Als je één keer het EK wint, wil je natuurlijk ook een tweede titel”, benoemt hij meteen de olifant in de kamer. Want een verlenging van zijn Europese titel zou z’n hoofdstuk bij de junioren in schoonheid afsluiten. Ending on a high. “En ik heb m’n huiswerk al gemaakt (lacht). Het parcours zou iets ‘normaler’ moeten zijn dan dat van vorig jaar. Dat is niet per se nadelig voor een iets zwaarder type als ikzelf.”

Dat belooft, al zal er als titelverdediger wellicht wel nóg meer naar hem geloerd worden door de concurrentie. “Laat ze maar doen. Vorig jaar heb ik ook de wedstrijd gemaakt, dus dat is geen probleem voor mij. Ze mogen zeker naar mij kijken.”

Foto: Jolien De Bock

Het grootste verschil met vorig jaar zit ‘m misschien nog wel in de voorbereiding. Die werd toen flink verstoord door een elleboogbreuk. “Op hoeveel procent ik toen won, is moeilijk te zeggen, maar ideaal was die voorbereiding zeker niet. Morgen (16 oktober, red.) is die breuk dag op dag een jaar geleden, dus ik sta nu in ieder geval toch al verder dan toen (lacht). Ik werd toen aangereden door een auto op de terugweg na een les. Dat kan nu al niet meer gebeuren.”

Stoten uithalen

Het is Renders ten voeten uit. Nuchter, ‘no nonsense’ en met een flinke portie relativeringsvermogen. “Waar dat vandaan komt? Geen idee eigenlijk. Ik trek me gewoon niet veel aan van wat anderen over me denken. Mensen zullen altijd wel iets van je vinden, maar het gaat er alleen om wat ik en de mensen die ik graag heb, denken.”

Z’n credo ligt in dezelfde lijn: “Als je het niet leuk vindt, houd je het ook niet vol.”

Dat blijkt ook wanneer we hem vragen naar zijn lange termijnambities. “Dat is nog moeilijk in te schatten. De (halve) marathon? Gho, dat zegt me niet per se zo héél veel. Maar als je het woord ‘trail’ had gezegd… Dat spreekt me wel heel erg aan. Die wedstrijden zijn nu moeilijk te combineren met het pisteseizoen, maar dat is misschien iets voor later of voor als ik de piste ooit beu ben.”

Desondanks blijkt dat traillopen intussen wel al een welkome afwisseling én een stiekeme passie van de jonge West-Vlaming. Maar de bergpaadjes opzoeken tijdens z’n hoogtestage in de Franse Pyreneeën, dat doet hij niet. “Nee, want het mag eigenlijk niet. En ik ben flink, dus ik doe het ook niet (grinnikt).”

Sem Serano, Elliot Vermeulen en Willem Renders – Foto: Michiel Reyntjens

En van avontuur gesproken: Renders trok er begin september nog op uit voor een meerdaagse fietsvakantie door Zweden. “Als ik niet zo hard met m’n sport bezig zou zijn, zou ik wel meer van dat soort ‘stoten’ uithalen”, is hij goudeerlijk. “Of ik zo’n dingen dan echt nodig heb om even weg te zijn van het lopen? Niet per se. Ik denk niet dat ik lopen ooit beu kan worden, maar het zou misschien wel wat eentonig worden.”

Blik op goud

Maar goed, we dwalen af. Terug naar dat EK veldlopen dus, want voor minder dan goud reist Renders half december dus niet af naar Belgrado. “Wanneer het EK geslaagd is? Als ik win”, klinkt het vastberaden. “Anders zou ik toch heel teleurgesteld zijn. Achteraf zou ik met een medaille misschien nog wel kunnen leven, maar het zou een beetje raar zijn als ik niet naar daar zou gaan met het idee dat ik wil winnen.”

Eerste ‘obstakel’: de kwalificatie. “Dat komt wel goed”, is hij zelfzeker. Deze keer geen last-minute stress dus, maar wel het BK in Hulshout op 29 november, waar de selectie afgedwongen dient te worden. “Ik denk niet dat ik als titelverdediger al zeker ben van m’n plekje en je weet natuurlijk nooit wat er gebeurt, maar op het BK zou het zeker moeten lukken.”

Tweede ‘obstakel’: die allergische reactie, die z’n zomerseizoen in de war stuurde. “Die is nu onder controle, voel ik.” Oef.

Eerst toch maar die hoogtestage in Font-Romeu afwerken. Zonder bergpaadjes – “Ik ben flink”, weet u nog? -, maar mét een nieuwe gouden plak in het achterhoofd.

Foto: Jeroen De Meyer

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in