
World Athletics heeft aan de vooravond van het WK indoor in Torun de gaststeden van de komende twee edities van dat toernooi bekendgemaakt. Met Odisha in India en Astana in Kazachstan maakt de mondiale atletiekbond bijzondere keuzes die enerzijds lokale atletiekcultuur lijken te ontberen, maar anderzijds wel een duidelijke inzet op universalisering betekenen.
Niet zelden organiseert World Athletics zijn raden van bestuur in de marge van internationale kampioenschappen. Ook kort voor dit WK indoor in Polen werden een aantal beslissingen definitief afgeklopt. De toekenning van twee indoorwereldkampioenschappen springt het meest in het oog. In het olympische jaar 2028 worden de atleten in India verwacht, twee jaar later zijn ze welkom in Kazachstan.
De twee uitverkoren locaties konden moeilijk meer van elkaar verschillen. In de Kazachse hoofdstad Astana is de gemiddelde temperatuur voor de maand maart ongeveer -5 °C. In Bhubaneswar, de hoofdstad van de Indiase deelstaat Odisha, kunt u daar zonder overdrijven 40 graden bijtellen.
De Indiase wens om voor het eerst een mondiaal atletiektoernooi te organiseren is ongetwijfeld deel van een strategie om de moeder aller sporten belangrijker te maken in het land van cricket en hockey. Bijna 18% van de wereldbevolking, anderhalf miljard mensen, leeft in India. Aan de atletiektop is het weliswaar speuren naar Indiaans talent, enkele uitzonderingen zoals Neeraj Chopra daargelaten. Het toernooi past ook in het plaatje van een land dat met New Delhi in 2036 de Olympische Spelen wil organiseren.

Specifiek voor België roept Bhubaneswar bijzonder goede herinneringen op. De nationale hockeymannen kroonden zich daar in 2018 tot wereldkampioen. De stad huisvest al een bronzen meeting en was in 2017 het toneel voor de Aziatische atletiekkampioenschappen. Outdoor zijn er dus best wel wat lokale precedenten, maar qua indooratletiek is er weinig expertise aanwezig. Bij 35 °C is het niet meer dan logisch dat er weinig mensen geregeld de indoorhal induiken. India heeft ook een slechte reputatie op dopingvlak, maar toernooien die atletiek op minder gevestigde markten promoten verdienen een kans.
De beslissing om handjes te gaan schudden in Kazachtstan roept grotere vragen op. Niet zozeer door het klimaat – dat juist zeer geschikt is voor een indoorsport – of een gebrek aan ervaring, met de Amin Tuyakov Prizes Indoor Meeting heeft het land intussen al drie jaar kunnen organiseren op World Athletics Indoor Tour-niveau. Wel door de politieke context: het land is sinds het uiteenvallen van de Sovjetunie een schijndemocratie waar autoritair geregeerd wordt, 28 jaar lang door Noersoeltan Nazarbajev en sinds 2019 door Kassym-Jomart Tokajev. Het Centraal-Aziatische land probeert zich niet alleen geografisch, maar ook politiek als middenpunt tussen Rusland, China en het Westen te positioneren. Van democratie of vrije verkiezingen is er evenwel geen sprake en de vrijheid van meningsuiting wordt om de zoveel tijd hardhandig ingeperkt.
